Janson Huisarts Bergschenhoek

Huisartsenpraktijk Janson is na 30 jaar veranderd in  Huisartsenpraktijk Parkzoom. Dit is omdat er meerdere huisartsen werkzaam zijn en het eigenaarschap binnenkort zal worden over gedragen  Zie de nieuwe website: www.huisartsenpraktijkparkzoom.nl

Bijna 50 jaar ben ik werkzaam geweest in de gezondheidszorg, waarvan de laatste periode als huisarts in Parkzoom.
Over deze periode hoort een aantal gedachten die ik al langer met mij  meedraag.

Welke huisarts willen we zijn

1519584439238.jpg


Hans (J.J.M.) Janson
Janson Huisarts Parkzoom

20 juli 2026

Wat dreigen we uit het oog te verliezen?

Binnenkort zal ook ik voor het laatst de deur van mijn spreekkamer sluiten:

Een eenvoudige handeling, zou je denken. Toch markeert dat moment het einde van een leven dat ruim vijftig jaar in het teken heeft gestaan van de gezondheidszorg. Ik begon als verpleegkundige, werd anesthesie-verpleegkundige, studeerde geneeskunde, werkte als geregistreerd verpleeghuisarts en ben inmiddels bijna dertig jaar huisarts.

Ik kijk met grote dankbaarheid terug op dit prachtige vak. In die jaren heb ik de gezondheidszorg ingrijpend zien veranderen. Veel ontwikkelingen waren noodzakelijk en hebben de zorg beter gemaakt. De medische mogelijkheden zijn enorm toegenomen, de samenwerking tussen disciplines is verbeterd en digitalisering heeft ons nieuwe mogelijkheden geboden. Ook in onze praktijk hebben wij innovaties steeds omarmd, maar alleen wanneer zij daadwerkelijk bijdroegen aan betere zorg.

Toch sluit ik de deur van mijn spreekkamer niet zonder bezorgdheid.

Niet omdat ik verlang naar vroeger. Ook toen was de zorg niet volmaakt. Mijn zorg is een andere. Ik vraag mij af of wij, in onze zoektocht naar oplossingen, nog wel de juiste prioriteiten stellen.

In 2010 ontwikkelden wij een multidisciplinair gezondheidscentrum. Niet omdat een groot gebouw een doel op zich was, maar vanuit de overtuiging dat goede zorg nooit het werk is van één persoon. Huisartsen, doktersassistenten, praktijkondersteuners, fysiotherapeuten, apothekers en andere zorgverleners versterken elkaar wanneer zij elkaar kennen, elkaar gemakkelijk kunnen raadplegen en samen verantwoordelijkheid dragen voor hun patiënten.

In de loop der jaren ontstond daardoor meer dan een organisatie. Er groeide een cultuur binnen onze huisartsenpraktijk. Een cultuur waarin samenwerken vanzelfsprekend was, waarin medewerkers zich mede verantwoordelijk voelden voor de kwaliteit van zorg en waarin de patiënt altijd centraal stond. Misschien is dát wel waar ik het meest trots op ben.

De huisartsenzorg staat onder grote druk. De bevolking vergrijst, het aantal patiënten met chronische aandoeningen neemt toe en het tekort aan huisartsen groeit. De reflex is begrijpelijk: meer digitalisering, meer taakdelegatie, meer protocollen en efficiëntere organisatie.

Dat zijn waardevolle ontwikkelingen, maar ik vraag mij af of zij het echte probleem oplossen.

De kracht van de huisarts ligt immers niet in een digitaal consult of een perfect georganiseerd zorgproces. De kracht van ons vak ligt in de relatie met de patiënt. Wie mensen jarenlang kent, ziet vaak meer dan alleen hun medische klacht. Je kent hun achtergrond, hun gezin, hun verlies, hun angsten en hun veerkracht. Daardoor krijgt een hulpvraag betekenis en ontstaat zorg die werkelijk past.

Een groot deel van de dagelijkse huisartsenzorg bestaat uit relatief kleine klachten. Vaak is goede uitleg belangrijker dan aanvullend onderzoek. Geruststelling is soms waardevoller dan een verwijzing. Afwachtend beleid wordt nogal eens gezien als niets doen, terwijl het in werkelijkheid een bewuste medische keuze is die kennis, ervaring en vertrouwen vraagt.

In onze praktijk hebben wij altijd geprobeerd de regie zoveel mogelijk bij de patiënt te laten. Goede uitleg, duidelijke afspraken en een laagdrempelige mogelijkheid om terug te komen wanneer het anders liep dan verwacht. Daardoor bleef tijd beschikbaar voor de mensen die die tijd het hardst nodig hadden: kwetsbare ouderen, patiënten met complexe aandoeningen en mensen die geconfronteerd werden met een ernstige diagnose.

Juist daar zie ik een verschuiving.

Ik heb soms de indruk dat wij steeds meer tijd besteden aan diagnostiek, registratie en organisatie, terwijl de ruimte voor het echte gesprek kleiner wordt. Patiënten verwachten begrijpelijkerwijs vaker direct een oplossing. Huisartsen voelen tegelijkertijd de druk om niets te missen. De angst voor klachtenprocedures of tuchtrecht speelt daarbij ongetwijfeld mee. Het gevolg is dat meer onderzoeken worden aangevraagd en vaker wordt verwezen, terwijl de vraag blijft of dit altijd leidt tot betere zorg. De wachttijden lopen op, hetgeen ten koste gaat aan patiënten die de zorg dringender nodig hebben.

Een grote zorg betreft misschien ook de ouderenzorg.

Al jaren geleden zag ik in de spreekkamer hoe kwetsbare ouderen steeds langer zelfstandig moesten blijven wonen. Dat gaf velen vrijheid, maar bracht ook nieuwe problemen met zich mee. Eenzaamheid, overbelaste mantelzorgers, versnipperde zorg en een steeds grotere druk op de huisarts en de wijkverpleging.

Vanuit die ervaring heb ik destijds geprobeerd lokaal het gesprek op gang te brengen over nieuwe woonvormen voor ouderen: kleinschalige voorzieningen waar ouderen zelfstandig kunnen wonen, met nabijheid van zorg én met verbinding met jongeren en maatschappelijke activiteiten. Geen terugkeer naar de verzorgingshuizen van vroeger, maar moderne gemeenschappen waarin wonen, zorg en sociale verbondenheid elkaar versterken.

Die gedachte vond destijds nauwelijks gehoor.

Nu lees ik dat er opnieuw wordt gesproken over forse investeringen in moderne woonzorg-voorzieningen. Misschien ontdekken wij alsnog dat goede ouderenzorg niet alleen draait om medische zorg, maar ook om nabijheid, ontmoeting en het voorkomen van eenzaamheid. Als dat gebeurt, zou ik dat van harte toejuichen. Niet omdat oude ideeën alsnog gelijk krijgen, maar omdat de praktijk ons soms dwingt opnieuw na te denken.

Misschien ligt de oplossing voor veel vraagstukken in de zorg niet uitsluitend in méér capaciteit of méér technologie, maar ook in het durven stellen van prioriteiten. Niet alles wat medisch mogelijk is, hoeft ook gedaan te worden. Niet iedere wens vraagt om aanvullend onderzoek. Goede zorg betekent soms uitleg geven, samen afwachten en vertrouwen op het natuurlijke beloop, met de zekerheid dat je beschikbaar bent wanneer dat nodig is.

Binnenkort draag ik mijn praktijk over aan een nieuwe generatie huisartsen. Zij zullen andere accenten leggen. Dat is vanzelfsprekend en ook goed. Iedere generatie ontwikkelt haar eigen manier van werken.

Toch hoop ik dat één uitgangspunt behouden blijft.

Dat de relatie tussen huisarts en patiënt de kern van ons vak blijft. Dat technologie ondersteunend is en niet leidend. Dat efficiëntie nooit belangrijker wordt dan aandacht. En dat wij onze schaarse tijd blijven besteden aan de mensen die die tijd het hardst nodig hebben.

Wanneer ik straks voor het laatst de deur van mijn spreekkamer sluit, doe ik dat met grote dankbaarheid. Ik heb een vak mogen uitoefenen dat mij dagelijks heeft uitgedaagd, geraakt en verrijkt.

Mijn zorg gaat daarom niet over de toekomst van de huisarts. Die zal er altijd zijn. Mijn zorg gaat over de vraag welke huisarts wij willen zijn.

De toekomst van de huisartsenzorg wordt niet alleen bepaald door wat wij toevoegen.

Contact

Tjeerd Kuipersstraat 1
2662 GM, Bergschenhoek

T: +31 (0)10 529 03 15
/col220]